Nokia Connecting People Interactieve handleiding Nokia 6170
   Hoofdpagina      Productinformatie      Communicatie      Media      Organisatie      Personaliseren      Connectiviteit      Tips & hints    
   De telefoon      Instellingen      Veiligheid  
  De SIM-kaart en de batterij installeren
Het draagriempje bevestigen
Het minidisplay gebruiken
Toegangscodes
Belangrijke indicatoren
Menustructuur

Beveiligingscode (5 tot 10 cijfers)
De beveiligingscode beveiligt de telefoon tegen onbevoegd gebruik. De code is standaard ingesteld op 12345. Wijzig de code en houd de nieuwe code geheim. Bewaar de code op een veilige plaats uit de buurt van de telefoon. Als je vijf keer achter elkaar een onjuiste beveiligingscode hebt ingetoetst, wordt de invoer van de code genegeerd. Wacht vijf minuten en toets de code opnieuw in.

PIN- en PIN2-code (4 tot 8 cijfers)
De PIN-code (Personal Identification Number) beschermt de SIM-kaart tegen ongeoorloofd gebruik. De PIN-code wordt meestal bij de SIM-kaart geleverd. Je kunt instellen dat telkens om de PIN-code wordt gevraagd wanneer de telefoon wordt ingeschakeld. Voor bepaalde functies heb je de PIN2-code nodig die bij sommige SIM-kaarten wordt geleverd.

Module-PIN en ondertekenings-PIN
De module-PIN is vereist voor toegang tot informatie in de beveiligingsmodule. De ondertekenings-PIN is nodig voor de digitale handtekening. De module-PIN en ondertekenings-PIN worden bij de SIM-kaart geleverd als de SIM-kaart voorzien is van een beveiligingsmodule. Als je drie keer na elkaar een onjuiste PIN-code hebt ingetoetst, wordt mogelijk SIM geblokkeerd of PIN-code geblokkeerd weergegeven en word je gevraagd de PUK-code in te toetsen.

PUK- en PUK2-code (8 cijfers)
De PUK-code (Personal Unblocking Key) of PUK2-code is vereist voor het wijzigen van een geblokkeerde PIN-code of PIN2-code.



        Tip
Als de PUK-codes niet bij de SIM-kaart zijn geleverd, kun je deze opvragen bij je serviceprovider.

 
© Nokia 2004. Lees onze wettelijke kennisgeving en ons privacybeleid.